Rangkaian melati

Op een oude, versleten gitaar
met vier snaren
leerde mijn vader mij ooit
een paar grepen.

Van de banjo.
Van de tjoek.

Mijn vingers
wilden niet onthouden
wat de zijne voordeden.

Op een vergeelde foto
zit zijn vader.

Mijn opa Schelte,
nog geen twintig.

Naast hem
twee kleine instrumenten.

Misschien een ukelele.
Misschien een tjoek.

In een ervan
herken ik het instrument
waarover mijn vader sprak.

Hij moet de grepen
van zijn vader hebben geleerd.

Zoals hij misschien ook
zijn verhalen van hem kreeg.

Mijn vader was een verhalenverteller.
Mijn opa, naar verluidt, ook.

Ik heb hem nooit gekend.

Hij stierf
toen mijn vader twaalf was.

Te jong
om alles te kunnen vragen.

Oud genoeg
om iets te bewaren.

In fado en krontjong
hoor ik verhalen
uit havensteden
en van eilanden.

Klanken, meegevoerd
over zee.

Over vertrek.
Verlangen.

Saudade.
Schoon ver van u.
Rangkaian Melati.

Een thuis
dat achterbleef
en bleef meereizen.

Ik begrijp waarom mijn vader
van deze muziek hield.

Van krontjong.
Van americana.

Muziek bewaart iets
wat woorden niet kunnen.

Ik leerde de grepen niet.

Maar de klanken
zijn toch bij mij terechtgekomen.

Niet in mijn vingers,
maar in mijn woorden.

Uit: Ik was daar nog even
Mijmermomenten – Patrick Wouters

Rangkaian Melati

Pada sebuah gitar tua yang usang
dengan empat senar,
ayahku pernah mengajariku
beberapa kunci.

Kunci banjo.
Kunci cuk.

Jari-jariku
tak mau mengingat
apa yang dicontohkan jari-jarinya.

Di sebuah foto yang menguning
duduklah ayahnya.

Kakekku, Schelte,
usianya belum genap dua puluh.

Di sampingnya
dua alat musik kecil.

Mungkin ukulele.
Mungkin cuk.

Pada salah satunya
kukenali alat musik
yang pernah diceritakan ayahku.

Ayahku pasti mempelajari kunci-kunci itu
dari ayahnya.

Seperti mungkin
cerita-ceritanya pun
ia warisi darinya.

Ayahku seorang pencerita.
Konon, kakekku juga.

Aku tak pernah mengenalnya.

Ia meninggal
ketika ayahku berusia dua belas tahun.

Terlalu muda
untuk menanyakan segalanya.

Cukup dewasa
untuk menyimpan sesuatu.

Dalam fado dan keroncong
kudengar kisah-kisah
dari kota-kota pelabuhan
dan dari pulau-pulau.

Nada-nada, terbawa
melintasi laut.

Tentang kepergian.
Kerinduan.

Saudade.
Schoon ver van u.
Rangkaian Melati.

Sebuah tempat pulang
yang tertinggal,
namun terus ikut mengembara.

Aku mengerti mengapa ayahku
mencintai musik ini.

Keroncong.
Americana.

Musik menyimpan sesuatu
yang tak mampu disimpan kata-kata.

Aku tak pernah menguasai
kunci-kunci itu.

Namun nada-nadanya
tetap sampai kepadaku.

Bukan di jemariku,
melainkan di dalam kata-kataku.

De bal tussen twee tijden

Beb Bakhuijs, geboren in Pekalongan, was een van de beroemdste Nederlandse voetballers van de jaren dertig. In Nederlands-Indië kreeg hij zijn bijnaam: het Kanon van Soerabaja.

Het kanon van Soerabaja en ik
delen dezelfde geboortedag.

Met een leeftijdsverschil
van drieënvijftig jaar, weliswaar.

Zijn wieg stond in Pekalongan,
de mijne in Den Haag.

Hij was een generatiegenoot
van mijn grootouders.

In de jaren dertig
kruisten hun wegen elkaar
zo goed als zeker
in de Bovenstad van Soerabaja,
in de wijk Genteng.

Mijn grootvader
was zelf een fanatieke voetballer.

Net als de legendarische Beb Bakhuijs,
het kanon van Soerabaja.

In het geboortejaar van mijn vader
werd hij kampioen bij THOR:

Tot Heil Onzer Ribbenkast.

Voetbal was een blauwe maandag
aan mij besteed.
Die sport interesseerde me
werkelijk geen …
… reden
om te volleyballen.

En het kanon?

Zijn schoten zwegen al lang
voor mijn eerste wedstrijd.

Maar in Surabaya
draagt Lapangan Thor
nog altijd de naam van zijn club.

De ribbenkast
is nu van tartan en beton.

Waar Beb ooit
de bal liet vliegen,
slaan kinderen
van de Krokodillenstad
hem nu met hun handen
over het net.

Hetzelfde veld.
Een andere tijd.

En de bal
nog altijd
in de lucht.


Uit: Ik was daar nog even
Mijmermomenten – Patrick Wouters

Met dank aan Herman Keppy (De grote Surbaya show) en Daniël Bloem-Berretty die met mij over het ‘kanon’ spraken…

Bahasa Indonesia version

Beb Bakhuijs, yang lahir di Pekalongan, adalah salah satu pesepak bola Belanda paling terkenal pada tahun tiga puluhan. Di Hindia Belanda ia mendapat julukan: Meriam Soerabaja.

Bola di antara dua zaman

Meriam Soerabaja dan aku
lahir pada tanggal yang sama.

Meski usia kami terpaut
lima puluh tiga tahun.

Buaian pertamanya berada di Pekalongan,
buaian pertamaku di Den Haag.

Ia hidup sezaman
dніше?lens?.Delay. generation?
dengan kakek dan nenekku.

Pada tahun tiga puluhan,
jalan hidup mereka hampirblob?Tmp?bewerking certainly
pernah bersilangan
di Bovenstad Soerabaja,
di kawasan Genteng.

Kakekku sendiri
seorang penggemar berat sepak bola.

Sama seperti Beb Bakhuijs yang legendaris,
Meriam Soerabaja.

Pada tahun kelahiran ayahku,
ia menjadi juara bersama THOR:

Tot Heil Onzer Ribbenkast.

Sepak bola hanya sebentar
singgah dalam hidupku.

Olahraga itu sungguh
sama sekali tidak menarik minatku …

… cukup alasan
untuk bermain bola voli.

Lalu, bagaimana dengan sang meriam?

Tembakannya telah lama terdiam
sebelum pertandingan pertamaku.

Namun di Surabaya,
Lapangan Thor
masih menyandang nama klubnya.

Kerangka rusuknya
kini terbuat dari tartan dan beton.

Di tempat Beb dahulu
menerbangkan bola,
anak-anak
dari Kota Buaya
kini mem.Trace?duino? Lash?Bot?diensten. ballot
dengan tangan mereka
melewati net.

Lapangan yang sama.
Zaman yang berbeda.

Dan bola itu
masih tetap
melayang di udara.


Klanken van Thuis brengt Indische en Molukse verhalen samen in Museum Rijswijk

Verhalen, muziek, geuren en smaken kwamen woensdagmiddag 26 augustus 2026 samen in de binnentuin van Museum Rijswijk tijdens Klanken van Thuis.
De Indische en Molukse middag bracht ruim tachtig bezoekers bij elkaar rond een gedeeld verleden, herinneringen aan Indonesië en de Molukken en de vraag wat ‘thuis’ eigenlijk betekent.

Centraal in het programma stond de Rijswijkse schrijver Patrick Wouters, die voordroeg uit zijn boek Ik was daar nog even. Zijn poëtische mijmeringen werden muzikaal begeleid door percussionist Daniël Bloem-Berretty, onder meer bekend van de Molukse band Massada.

Foto Cindy Smits

Lees de recensie met foto’s van Petra Mast op InRijswijk.

Foto: Petra Mast
Foto: Claire Wouters

Drieluik: 15, 16 en 17 augustus

Drie dagen die voor mij niet los van elkaar kunnen worden gezien.
15 augustus: stilstaan bij wat verloren ging.
16 augustus: beseffen dat herdenken ook iets vraagt van het heden.
17 augustus: de vrijheid vieren, zonder te vergeten welke weg eraan voorafging.

Drie mijmermomenten over oorlog en onafhankelijkheid. Over oude wonden en nieuwe littekens.
Over een verleden dat doorwerkt en een toekomst die nog altijd onderweg is.

“Wie het verleden niet kent, verdwaalt in de toekomst.


15 augustus

Van gedroogde kersenbloesem in een verweerd kleinood
naar bloemen bij het Indisch Monument.
Eén familie, één verhaal,
deel van een groter verleden.

Stille getuigenis

In mijn handen ligt een klein, verweerd boekje.
De kaft is zacht geworden van het dragen,
de bladzijden broos van de jaren en de reizen
die het tegen wil en dank heeft gemaakt.

Op 12 december 1941 kreeg mijn opa het,
op de dag van de mobilisatie in Nederlands-Indië.
Hij was landstormersoldaat bij het KNIL
en droeg het Nieuwe Testament altijd bij zich.
Bij de capitulatie.
In het kamp: de scheepswerf Harima, nabij Osaka.

Hij las, onderstreepte, schreef namen en data
alsof het boekje niet alleen een testament van geloof,
maar ook een stille kroniek van zijn dagen werd.
Zelfs gedroogde bloesems van de Japanse kers
vond ik er tussen,
als herinneringen die niet verwelken konden.

Achterin,
in klein handschrift,
de naam en verjaardag van zijn oudste zoon.
Mijn vader.
Ik zie hem daar zitten,
met dat potlood,
op een dag dat het thuisfront verder weg leek dan ooit.

Hij kwam nooit terug.
In 1944 stierf hij in het kamp.
Pas in 1993 ontdekte ik dat zijn urn was bijgezet in het colombarium van Ereveld Menteng Pulo in Jakarta.
Toen kregen de contouren van zijn verhaal langzaam kleur,
via kampgenoten die vertelden wat er was gebeurd.

Dit boekje,
het enige naast een handvol foto’s
dat we van hem hebben,
ging van mijn opa
naar mijn oma,
naar mijn vader,
en toen naar mij.
Op een dag zal ik het aan mijn zoon Julian geven.

Op 15 augustus sta ik stil.
Niet in stilte alleen,
maar schrijvend.
Over de oorlog die mijn Indische ouders en grootouders overleefden.
Over de Japanse bezetting.
De bersiaptijd.
De onafhankelijkheidsoorlog.
Over het geweld van beide kanten.
Over het kolonialisme,
met zijn zwarte bladzijden die niet minder zwart worden door ze te verzwijgen.

Ik schrijf omdat herdenken méér is
dan een terugblik.
Het is een dialoog met het verleden,
met alle stemmen die daarin klinken.

16 augustus

Van Jakarta tot Gaza,
van oude wonden naar nieuwe littekens.
De ene pijn ontkent de andere niet.
Herdenken is kiezen voor menselijkheid.

Nooit meer is nu

We staan stil.
Bij namen,
bij data,
bij verhalen die ons zijn toevertrouwd.

We buigen voor het verleden,
maar sluiten onze ogen niet voor het heden.

Kolonialisme laat lange schaduwen na.
De ene pijn hoeft de andere niet te overschaduwen.
Erkennen is ruimte maken voor iedereen
die verlies kent,
die onrecht draagt.

Van de Molukken tot West-Papua,
van Jakarta tot Gaza.

Herdenken is niet alleen terugzien,
het is kiezen voor menselijkheid,
hier,
nu.

17 augustus

Van een vlag in Jakarta
naar een reis die voortduurt.
Merdeka werd geroepen,
en vraagt ook nu om ons.

Vrij, en nog altijd onderweg

Op 17 augustus 1945
klonk in Jakarta de roep om merdeka.
Een vlag werd gehesen,
en Soekarno sprak woorden
die de lucht deden trillen.

Onafhankelijkheid is geen moment,
het is een reis.
Van koloniaal verleden
naar zelfgekozen toekomst.

Tachtig jaar later
vier ik mee,
met respect voor hen
die de weg baanden,
die vochten, onderhandelden,
die droomden.

Vrijheid is feest,
maar ook verantwoordelijkheid.
Om te zien wat nog niet vrij is.
Om te luisteren naar verhalen
die nog niet zijn verteld.

Van Sabang tot Merauke,
van kampong tot stad.

Onafhankelijkheid is een belofte,
voor een land,
voor een mens,
om steeds weer levend te houden.

Drieluik
Deze mijmermomenten hebben elk afzonderlijk eigen illustraties.
Die zijn via onderstaande links te bekijken.

15 augustus Stille getuigenis
16 augustus Nooit meer is nu
17 augustus Vrij, en nog altijd onderweg

Uit: Ik was daar nog even
Mijmermomenten – Patrick Wouters

Foto’s zijn voor later

Na het verlies van hun moeder
poseren broer en zus
aan de Bengawan Solo.

Een motor.
Een boom.
Een dag
die nog niet weet
dat hij herinnering wordt.

Later worden de foto’s
uit albums gescheurd
en begraven in de tuin
van hun huis in Surabaya.

De oorlog gaat voorbij.
De foto’s blijven.

In een Verkadeblik
gaan ze mee
naar Nederland,
naar Amerika,
naar mij.

Mijn grootvader maakte foto’s
voor later.
Hij kon niet weten
dat ik dat later
zou zijn.

En de boom?
Negentig jaar later
valt zijn schaduw
nog steeds op dezelfde grond.

Uit: Ik was daar nog even
Mijmermomenten – Patrick Wouters

Gepubliceerd in Indah magazine oktober-november 2026.


Digital art photo 2 generated with AI. Concept: Patrick Wouters.
Based on family archive picture from 1935 and recent photo’s I made in Indonesia 2026.

Klanken van Thuis: Indisch/Molukse middag in het museum Rijswijk 26 augustus 2026

Onder de titel Klanken van Thuis organiseert Museum Rijswijk aan het einde van de zomer een Indische/Molukse middag. In het auditorium van het museum draagt de Rijswijkse schrijver Patrick Wouters voor uit Ik was daar nog even.
Zijn poëtische mijmermomenten worden opgeluisterd door een optreden van percussionist Daniël Bloem Berretty, onder andere bekend van de Molukse band Massada. 

Programma woensdag 26 augustus 2026

  • 15:00 uur inloop
  • 15:30 uur voordracht Patrick Wouters en instrumentaal optreden Daniël Bloem Berretty
  • 16.15 uur ontmoeting onder het genot van Indische zoete en hartige lekkernijen.
  • 17.00 uur einde 

Het programma is voor iedereen gratis toegankelijk, aanmelden is niet nodig. Iedereen die zich verbonden voelt met voormalig Nederlands-Indië/Indonesië is van harte welkom, evenals andere belangstellenden. 

Museum Rijswijk, Herenstraat 67, Rijswijk.

Wijzigingen voorbehouden.

Hier en daar

De verstilde, imaginaire wereld uit De tienduizend dingen van Maria Dermoût laat zich niet vinden op Google Maps. Alleen aan de Binnenbaai van Ambon.



Soms
blijken plaatsen
die je bezoekt
al veel langer
op je te hebben gewacht.

Ik zocht
naar een geheime tuin.

Naar een plek
die alleen nog
in een roman
leek te bestaan.

Pas later
begreep ik
dat ik er al was.

Aan de baai.

Het water
droeg nog altijd
hetzelfde licht.

De heuvels
dezelfde stilte.

Alsof een landschap
zich minder laat veranderen
dan wij denken.

Deze reis
gaat steeds minder
over plaatsen
en familiegeschiedenis.

Steeds meer
over aanwezig zijn.

Kijken.

Luisteren.

Voelen.

Ervaren.

Soms
brengt een reis je
niet waar je
van plan was
heen te gaan.

Maar wel
precies waar je
zou moeten zijn.

Uit: Ik was daar nog even
Mijmermomenten – Patrick Wouters