In gesprek met … Ernst Jansz

Detailboekej "Alles wat muzikanten kunnen bundelen aan vakmanschap en emotie, maakt een band goed"

Ernst Jansz over zijn nieuwe CD, boek én theatertournee.

Wat begon als liner notes bij zijn tweede solo-CD Molenbeekstraat groeide uit tot een heus boek.  Zijn derde.

Lees mijn artikel verder op 8 weekly …

Van Oebele naar het Klokhuis

Actrice, cabaretière, zangeres, schrijfster en beeldend kunstenares Wieteke van Dort is bijna dagelijks op Nederland 3 te zien. Als één van de vaste acteurs van Het Klokhuis zet zij menig onvergetelijk typetje neer. Tussen 1968 – 1971 speelde zij Aagje Ritsema in de legendarische KRO-serie Oebele die in 2006 als musical op de planken wordt gebracht. We nemen met Wieteke een duik in haar televisiegeschiedenis.

Wat is je het meest bijgebleven bij het maken van Oebele?
Het plezier dat we allemaal hadden. Willem Nijholt (als Koen de Graaf), de kinderen en ik. En natuurlijk hadden we ook lol met de andere acteurs: Marjan Berk, Ab Hofstee, Herman Vink en o.a. Willeke Alberti, en Rob de Nijs als gasten. André van Duin maakte zelfs zijn TV debuut in Oebele.
Ik zal ook nooit vergeten dat we de eerste uitzending weggedraaid werden, terwijl het programma (live!) nog niet afgelopen was.
Maar als je drie jaar lang met elkaar samenwerkt zijn er zoveel leuke dingen om op terug te kijken! De voetbalwedstrijd Oebele – Feyenoord in het grote stadion, waarbij Oebele natuurlijk won. De reis naar Parijs met het Oebele kinderkoor. O ja, ik moest eens als Aagje Ritsema schaatsen. Een heel lied op de schaats! Als Indo kan ik helemaal niet goed schaatsen. Niet eens remmen. Toen hebben ze de eerste regels gefilmd terwijl ik vier slagen knullig los deed op het ijs en de rest vanaf een slee waar ik mij aan vast hield. Dat zag er goed uit, het leek net echt!

Oebele bevatte net als de serie Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, meneer? een schat aan liedjes.
Het was een feest om de liedjes te zingen. Ze werden allemaal geschreven door Harrie Geelen die ook de teksten van Oebele schreef. De muziek werd gecomponeerd door Joop Stokkermans. We repeteerden 1x bij Joop thuis, waarbij zijn (Indische) echtgenote Dallea ons verwende met heerlijke hapjes. Vooral Joop Stokkermans, Willem Nijholt en ik hadden vaak de slappe lach samen. Mijn hemel wat hebben we gelachen. Het kinderkoor stond onder leiding van Henk en Iet van der Velde. Ze zongen en playbackten zeer professioneel. En het leuke is, dat ze nog steeds contact met elkaar onderhouden. Zelf heb ik nog steeds contact met Ria Bouwhuis, nu Ria Tammer, uit het Oebele Kinderkoor. Zij werkt nog steeds met kinderen. De Oebele liedjes zijn bekroond met een Edison. Ik hoop dat de vier platen nog ooit eens op CD uitkomen!

Hoe gaat het eigenlijk met jou? en de bijbehorende ‘clip’ van Koen en Aagje is eens in de zoveel tijd op televisie te zien. Het is het meest aansprekende fragment uit Oebele geworden.
We zouden op het strand gefilmd worden. Maar langer dan een uur kon ik echt niet in de felle zon. Omdat het licht niet goed was om te filmen, te hard zeiden ze, moesten we anderhalf uur wachten. We waren op een afgelegen strand en er was geen strandtent of zo. Toen heb ik al die tijd onder een laken gewacht om maar niet te verbranden. Willem Nijholt en ik vinden dat allebei ons mooiste lied uit Oebele. En als tweede mooiste lied: Jonkvrouw in de toren. Ze staan allebei op een verzamel CD van Willem (Portret).

Voor de opnames van het Klokhuis pakt Wieteke al vroeg de trein van Den Haag naar Hilversum. Ze is nog even enthousiast en gedreven. Wat is haar drijfveer om kindertelevisie te maken?
Tja, het is enig om te doen. Maar het is ook een band van jaren. Aart Staartjes, Joost Prinsen en ik kennen elkaar al uit 1972 toen de Stratemakeropzeeshow begon. Ook een hartstikke leuk programma. Daarna deden we samen J.J. de Bom voorheen De Kindervriend. Telkens met hetzelfde Schrijverscollectief, samengebracht door regisseur Frans Boelen. Later zaten we weer samen bij Het Klokhuis van de NPS met grotendeels dezelfde schrijvers.
Het Klokhuis is een dagelijks programma dus daar doen veel meer acteurs aan mee. Afgelopen woensdag 26 oktober werd de Cultuurprijs van het Prins Bernhard Fonds uitgereikt aan Het Klokhuis! 50.000 euro, we waren trots! Die prijs kwam op het juiste moment. Net nadat Medy van der Laan gezegd had dat Het Klokhuis met de hele NPS moest verdwijnen. Belachelijk gewoon.
Mijn drijfveer om mee te doen met het Klokhuis is ook dat het een integer gemaakt kinderprogramma is. Bij een commerciële omroep moet je voortdurend concessies doen. Er zit reclame en sluikreclame in. Bij de NPS is dat niet zo. Ik geef je een voorbeeld. Indertijd werd aan de toenmalige programmadirecteur van Het Klokhuis een voorstel gedaan om een paar afleveringen over biotechnologie te maken. Daar zou dan veel geld tegenover staan. Hij zei vanzelfsprekend nee. Bij een commerciële omroep was dat wellicht ja geworden. Stel je voor, dan hadden we de kinderen in ‘leuke’ filmpjes ‘voorgelicht’ over genetische manipulatie, iets wat volkomen verwerpelijk is, omdat geknoei met erfelijke eigenschappen onomkeerbaar is. Het is een voorrecht om mee te doen aan het Klokhuis, ik hoop dat het nog lang blijft! Bij de NPS!

© Patrick Wouters,
Senang Producties
Alle rechten voorbehouden
_______________________________________________________________________

Nieuws:
‘Oebele de musical’ gaat 5 november volgend jaar in première in de Tilburgse Schouwburg. De voorstelling loopt tot en met februari 2007.

Foto Wieteke van Dort: detail uit promotiefoto gemaakt door Ingrid van den Brand.
Foto Oebele: details Fonos hoesfoto

Meer informatie:
www.wietekevandort.nl
Fonos.nl Het adres voor het bestellen van de Oebele LP’s op CD
Het Klokhuis
Oebele op internet
Hoe gaat het eigenlijk met jou?
Oebele de musical

Volkskrant magazine

Volkskrant magazine stond gisteren stil bij mijn weblog. Soms is er blijkbaar weinig ruimte voor het volledige gesprek. Hieronder de volledige, gecorrigeerde (en wat mij betreft enige juiste) versie.

Volkskrant magazine
Eigen terrein: Mijn weblog

Wie? Patrick Wouters Leeftijd? 43 Beroep? Redacteur bij de rijksoverheid

Wat is er te zien op je weblog?
Ik heb iets met het verglijden van de tijd. Je vindt er daarom nostalgische dingen; zoals stukjes over oude familiefoto’s, muziek en televisieseries uit mijn jeugd. Tempodoeloe is dan ook Indisch voor ‘de tijd van vroeger’. Dus ik schrijf over dingen die voorbij zijn, maar ook wel over wat er nog gaat komen. Mijn motto is Vandaag is morgen gisteren: want wat je vandaag beleeft is morgen al verleden tijd.

Waarom ben je begonnen met je weblog?
Vanuit mijn beroep ben ik al veel bezig met het Internet, en het leek me wel leuk om daarnaast een website te maken over wat mij bezig houdt. Dat er zoveel dingen op staan uit mijn jeugd is niet echt zwijmelen in jeugdsentiment hoor. Jeugdsentiment (nostalgie ook) is een virus voor alle leeftijden.

De aan de weblog gekoppelde website gaat nog verder terug dan jeugdsentiment…
Ja, op http://www.indischalbum.nl, heb ik bijzondere fotos en verhalen uit voormalig Nederlands-Indië bij elkaar gebracht. Oude foto’s die nog zeker de moeite van het bekijken waard zijn. De meeste foto’s zijn door mijn familie tijdens de Japanse bezetting en de Bersiaptijd (Indonesische revolutie) in Nederlands-Indië veiliggesteld. Uiteindelijk zijn ze meegenomen naar Nederland, maar nooit meer ingeplakt. Hele familiegeschiedenissen in beeld kwamen zo in een Verkadeblik terecht en daar wilde ik iets mee doen.

Maar waarom niet een gewoon plakboek?
De site is er om vast te leggen wat bijna verdwenen is. Kinderen en kleinkinderen zullen vroeg of laat om verhalen vragen, en dan kunnen ze die hier terugkijken. Het leuke van Indisch Album is dat ik ook veel reacties krijg van andere mensen over de hele wereld, waarvan de familie ook in Nederlands-Indië heeft gewoond.

Waar haal je al die foto’s vandaan?
De meeste foto’s zijn afkomstig van mijn familie, collega’s en bekenden die hun zolderkamer hebben afgestruind. Ik heb inmiddels een aardige verzameling opgebouwd. Het blijft fascinerend om daar doorheen te bladeren. Af en toe kies ik er een uit voor de website en schrijf er een verhaaltje bij. En veel van mijn lezers sturen foto’s op waar ze ook iets over willen vertellen.

Het is ook een beetje een reüniepagina geworden of niet?
Nou het wil wel eens voorkomen dat mensen met ouders en grootouders uit Nederlands-Indië elkaar weer via mijn websites tegen het virtuele lijf lopen. Zo had ik laatst een weblog over de McIndo, een ontmoetingsplaats voor oud-Indiëgangers in Den Haag, en toen bleek dat twee van mijn lezers die reageerden, familie van elkaar te zijn. Heel toevallig.

www.volkskrant.nl

Vijf vragen aan …

In korte tijd is http://www.indischalbum.nl uitgegroeid tot een goed bezochte website met bezoekers uit binnen- én buitenland. Aanleiding voor een praatje met de maker: Patrick Wouters.

Heb je enig idee wie jouw website bezoekt en krijg je veel reacties?
Afgaande op de reacties die ik krijg, is het een gemixed gezelschap: jong en oud, Indisch, niet Indisch. De reacties zijn erg uiteenlopend en komen uit alle landen van de wereld. Van verzoekjes om hulp bij scripties, tot vragen over allerlei Indisch onderwerpen. De oudere generatie houdt het liefst van de verhalen van vroeger en de bijbehorende foto’s en willen meer anekdotes. Anderen vragen om pianobladmuziek voor Boeroeng Kaka Toea, of hoe ze in contact kunnen komen met Wieteke van Dort of Andy Tielman.
Google en de Indische startpagina’s van Vilan van de Loo en Rick van den Broeke zijn wat dat betreft een uitkomst om mensen op het spoor te zetten bij het zoeken naar al die antwoorden op hun Indische vragen. Dat doe ik dan ook meestal.

Ben je zelf zuinig op je eigen foto’s?
Dat zou beter kunnen. De foto’s die op de site staan bewaar ik los in mapjes in mijn bureaula. Sommige heb ik ingelijst. Mijn eigen foto’s plakte ik lang geleden nog wel in albums. Daarna kwamen de insteekmappen en nu met de digitale camera is het reuze makkelijk om ze op de computer te bewaren.
Toevallig is er net een verhuisdoos met negatieven en foto’s opgedoken die ik niet gemist had. Slordig, ik weet het.

Je bent in de boekenweek begonnen met een nieuwe serie (Die éne foto) met een bijdrage van Marion Bloem. Heeft dat een speciale reden?
Marion Bloem was de eerste die reageerde op mijn verzoek om een bijdrage te leveren aan de nieuwe reeks. Het ging allemaal vrij snel en ik vond de boekenweek met het thema geschiedenis een geschikte aanleiding om eerder van start te gaan. Ook is het zo dat mijn belangstelling voor het Indische begin jaren 80 extra gestimuleerd werd door de manier waarop Marion Bloem erover schreef. Het boek Geen gewoon Indisch meisje en haar film Het land van mijn ouders hebben de interesse voor mijn eigen Indische achtergrond alleen maar vergroot.

Het valt op dat je dweept met de Pasar Malam Besar en het Indisch Huis.
Mijn website is gepresenteerd in het Indisch Huis en op de Pasar Malam Besar. Deze organisaties gaan op een manier om met het ‘Indisch erfgoed’, die me zeer aanspreekt. De Pasar Malam Besar bezoek ik al sinds de tijd van de Houtrusthallen. Na de verhuizing naar het Malieveld is het voor mij een evenement geworden om ieder jaar naar uit te kijken. De sfeer is er goed, het programma altijd boeiend en last but not least: mijn kinderen willen er ook graag heen. En ja, zo geef ik het stokje weer door.
Het Indisch Huis heeft momenteel een sterk programma, waardoor het bijna ieder weekend de moeite waard is om naar Den Haag te gaan, wat voor mij niet altijd mogelijk is. Zelf hoop ik dat de jonge garde ook de weg naar Den Haag weet te vinden en daar ziet het wel naar uit.

Je maakt en beheert ook andere websites, waaronder die van Ernst Jansz. Hoe is dat zo gekomen?
Vrij toevallig allemaal. In de zomer van 2000 volgde ik voor mijn werk een cursus websites maken. Om te oefenen ben ik vlak daarna simpelweg begonnen met één pagina op internet. Een link hier en een link daar en dan heb je al een homepage. Ik koos als basis een boekfragment van Ernst Jansz uit De Overkant. Een boek dat van mij wel opnieuw in de spotlights mocht. Ik breidde de pagina uit met allerlei info die ik via google vond. Voordat ik er erg in had werd de cursuspagina een heuse website. De reacties waren overweldigend en de aansporing om er mee verder te gaan groot. Er bleek dus grote behoefte te bestaan naar info op het web over Ernst Jansz, die nog niet zolang daarvoor een mooie CD had gemaakt. De Doe Maar reünie eerder dat jaar zal ook wel meegespeeld hebben.
In 2001 ben ik benaderd met de vraag of ik de officiële website wilde maken. Een hele eer en nog steeds erg leuk om te doen.

—————————————————————————————————————–

Slotakkoord
Patrick Wouters:
Den Haag 1962, Indische ouders.
Favoriete muziek: o.a. Beatles, Venice, Brian Wilson, Crosby, Stills, Nash and Young, Boudewijn de Groot, Keane, Coldplay, REM, U2.
Favoriete films: o.a. Novecento, La Meglio Gioventu
Favoriete boek: De tienduizend dingen van Maria Dermout

© Senang Producties 2005

Oude bekenden

Als ‘oude bekenden’ werden ze aangekondigd. ‘Ik ben oud en híj is bekend’, verklaarde Yvonne Keuls aan het begin van de tweede literaire ontmoeting met Ernst Jansz. Net als vorig jaar wisten zij met weinig middelen, al improviserend, een intieme sfeer in het Bintang-theater te creeëren tijdens de 44e Pasar Malam Besar in Den Haag.


Yvonne Keuls stak van wal met een tekst die zij ter plekke had geschreven, het hilarische Pasar:
‘Eens in het jaar komen ze allemaal bij elkaar. De mensen-uit-Indië. Ze komen met bussen, met treinen met z’n vieren bijeengeperst op de achterbank van de auto van de oude Knilneef.’
De tekst is gelukkig niet verloren gegaan want met deze heerlijke impressie begint Keuls een reeks columns voor de zaterdagbijlage van de Haagsche Courant.

Ernst Jansz bracht zijn gevoelige liedjes in combinatie met fragmenten uit zijn boek De Overkant en speelde speciaal voor Yvonne Keuls een fraai stukje Chopin.

Ernst Jansz, Yvonne Keuls over het ontstaan van de samenwerking, het succes en het vervolg.

Ernst Jansz:
‘Hoe de samenwerking is ontstaan weet ik eigenlijk niet meer.
Toen in 1985 mijn boek De Overkant verscheen, kwam ik in een tot dan toe voor mij onbekend circuit van Indische schrijvers terecht (opvallend genoeg vrijwel allemaal vrouwen). Daar was natuurlijk Marion Bloem, de grote stimulator van de zogenaamde tweede (Indische) generatie, daar waren Paula Gomes, Margaretha Ferguson en Yvonne Keuls.
Het was voor mij een feest om de tijd met hen door te brengen. Ik herkende een wereld die ik daarvoor maar één keer had gekend: met mijn eerste middelbare schoolvriendje en ik realiseerde mij ineens dat het een Indische jongen was geweest. Zo vertrouwd alsof het familie was, veel plezier en slappe lach.
Toen Jaloe Maat, mijn vrouw, een rol kreeg in de film Jan Rap en zijn maat, leerde ik Yvonne Keuls beter kennen.
We hebben ons tweelingprogramma nu twee keer gedaan en wie weet… Ideeën genoeg.’

De reacties op het gezamenlijke optreden waren opnieuw overweldigend:
‘Het is heerlijk om te doen. We creëren een beetje een huiskamer, waarin we met elkaar gedachten en voordrachten uitwisselen. Heel intiem. We bereiden samen niets voor en houden het zo gewoon mogelijk. Als er iets fout gaat laten we dat gebeuren. Mensen vinden dat over het algemeen erg prettig.’

Dat Ernst Jansz graag optreedt voor Indische mensen is zonneklaar. Het lijkt of zijn teksten en muziek in de setting van bijvoorbeeld het Bintang-theater een andere dimensie krijgen:
‘Het is juist dat ik in Indische kring meer begrip krijg voor een bepaalde problematiek die in mijn werk verwerkt is. Ik zoek dat natuurlijk ook een beetje uit. Bepaalde fragmenten worden alleen of in het bijzonder gevoeld door Indische mensen, zoals:
Dit is waar ze naar terugverlangen, al die bruine mensen die de zee zijn overgestoken. De zoete geur na een regenbui, de vuurvliegjes, de sterren, het zilveren licht van de maan op de bladeren.

Yvonne Keuls was alle dagen aanwezig op de Pasar Malam Besar. Onvermoeibaar stond zij iedereen te woord die even kwam buurten in Paviljoen Senang, letterlijk omringd door al haar boeken. En senang voelt men zich bij haar.
Over haar samenwerking met Ernst Jansz zegt zij:
‘We hebben elkaar jaren geleden ontmoet toen we samen lezingen op scholen gaven.
We hebben respect voor elkaars werk en dan is er natuurlijk onze Indische achtergrond.
Eigenlijk zijn wij elkaars tegenpolen. Hij brengt zijn poëtische aard in en ik neem mij voor de mensen te laten lachen.
Zijn liedjes hebben zeggingskracht, diepte en warmte. Ik vind dat hij een mooie taal schrijft: het fijne, kleine, bijna onbenoembare weet hij toch benoembaar te maken.

De Indische vader en de Indische moeder drukken een stempel op het werk van Ernst Jansz en Yvonne Keuls.
Of zoals Yvonne Keuls het verwoordde: ‘De liefde voor onze ouders verklaart mede het succes en waardering van ons optreden.’

Patrick Wouters 2002

Fotografie: Jurgen Huiskes
Met dank aan de Pasar Malam Besar