Vijf vragen aan …

In korte tijd is http://www.indischalbum.nl uitgegroeid tot een goed bezochte website met bezoekers uit binnen- én buitenland. Aanleiding voor een praatje met de maker: Patrick Wouters.

Heb je enig idee wie jouw website bezoekt en krijg je veel reacties?
Afgaande op de reacties die ik krijg, is het een gemixed gezelschap: jong en oud, Indisch, niet Indisch. De reacties zijn erg uiteenlopend en komen uit alle landen van de wereld. Van verzoekjes om hulp bij scripties, tot vragen over allerlei Indisch onderwerpen. De oudere generatie houdt het liefst van de verhalen van vroeger en de bijbehorende foto’s en willen meer anekdotes. Anderen vragen om pianobladmuziek voor Boeroeng Kaka Toea, of hoe ze in contact kunnen komen met Wieteke van Dort of Andy Tielman.
Google en de Indische startpagina’s van Vilan van de Loo en Rick van den Broeke zijn wat dat betreft een uitkomst om mensen op het spoor te zetten bij het zoeken naar al die antwoorden op hun Indische vragen. Dat doe ik dan ook meestal.

Ben je zelf zuinig op je eigen foto’s?
Dat zou beter kunnen. De foto’s die op de site staan bewaar ik los in mapjes in mijn bureaula. Sommige heb ik ingelijst. Mijn eigen foto’s plakte ik lang geleden nog wel in albums. Daarna kwamen de insteekmappen en nu met de digitale camera is het reuze makkelijk om ze op de computer te bewaren.
Toevallig is er net een verhuisdoos met negatieven en foto’s opgedoken die ik niet gemist had. Slordig, ik weet het.

Je bent in de boekenweek begonnen met een nieuwe serie (Die éne foto) met een bijdrage van Marion Bloem. Heeft dat een speciale reden?
Marion Bloem was de eerste die reageerde op mijn verzoek om een bijdrage te leveren aan de nieuwe reeks. Het ging allemaal vrij snel en ik vond de boekenweek met het thema geschiedenis een geschikte aanleiding om eerder van start te gaan. Ook is het zo dat mijn belangstelling voor het Indische begin jaren 80 extra gestimuleerd werd door de manier waarop Marion Bloem erover schreef. Het boek Geen gewoon Indisch meisje en haar film Het land van mijn ouders hebben de interesse voor mijn eigen Indische achtergrond alleen maar vergroot.

Het valt op dat je dweept met de Pasar Malam Besar en het Indisch Huis.
Mijn website is gepresenteerd in het Indisch Huis en op de Pasar Malam Besar. Deze organisaties gaan op een manier om met het ‘Indisch erfgoed’, die me zeer aanspreekt. De Pasar Malam Besar bezoek ik al sinds de tijd van de Houtrusthallen. Na de verhuizing naar het Malieveld is het voor mij een evenement geworden om ieder jaar naar uit te kijken. De sfeer is er goed, het programma altijd boeiend en last but not least: mijn kinderen willen er ook graag heen. En ja, zo geef ik het stokje weer door.
Het Indisch Huis heeft momenteel een sterk programma, waardoor het bijna ieder weekend de moeite waard is om naar Den Haag te gaan, wat voor mij niet altijd mogelijk is. Zelf hoop ik dat de jonge garde ook de weg naar Den Haag weet te vinden en daar ziet het wel naar uit.

Je maakt en beheert ook andere websites, waaronder die van Ernst Jansz. Hoe is dat zo gekomen?
Vrij toevallig allemaal. In de zomer van 2000 volgde ik voor mijn werk een cursus websites maken. Om te oefenen ben ik vlak daarna simpelweg begonnen met één pagina op internet. Een link hier en een link daar en dan heb je al een homepage. Ik koos als basis een boekfragment van Ernst Jansz uit De Overkant. Een boek dat van mij wel opnieuw in de spotlights mocht. Ik breidde de pagina uit met allerlei info die ik via google vond. Voordat ik er erg in had werd de cursuspagina een heuse website. De reacties waren overweldigend en de aansporing om er mee verder te gaan groot. Er bleek dus grote behoefte te bestaan naar info op het web over Ernst Jansz, die nog niet zolang daarvoor een mooie CD had gemaakt. De Doe Maar reünie eerder dat jaar zal ook wel meegespeeld hebben.
In 2001 ben ik benaderd met de vraag of ik de officiële website wilde maken. Een hele eer en nog steeds erg leuk om te doen.

—————————————————————————————————————–

Slotakkoord
Patrick Wouters:
Den Haag 1962, Indische ouders.
Favoriete muziek: o.a. Beatles, Venice, Brian Wilson, Crosby, Stills, Nash and Young, Boudewijn de Groot, Keane, Coldplay, REM, U2.
Favoriete films: o.a. Novecento, La Meglio Gioventu
Favoriete boek: De tienduizend dingen van Maria Dermout

© Senang Producties 2005

De maan op het water – Elvire Spier (1920 – 1999)

“Net als alle mensen die op Java leefden werden wij om 5 uur in de ochtend vanzelf wakker. De hanen hadden dan al een, twee, driemaal gekraaid; de nacht was geëindigd! Het waren alleen de blanda’s die nog een uur over hun dromen bleven nadenken. Dan kwamen ook zij vanonder hun muskietennetten vandaan om de dag te beginnen.”

Met deze passage opent het fragment uit De maan op het water in de bloemlezing Oost-Indische Inkt. Met deze zin, niet de openingszin overigens, begint het verhaal van de vijfjarige Sarah, de hoofdpersoon uit De maan op het water.
Elvire Spier roept met dit verhaal een beeld op dat sterk doet denken aan de wereld die Maria Dermout opriep in Nog pas gisteren: “Op Java, ergens op Midden-Java, tussen de bergen Lawoe en Wilis in, maar dichter naar de kant van de Lawoe toe, lag diep in een ommuurde tuin onder donker groene bomen een huis.”

Beide schrijfsters publiceerden pas op latere leeftijd. Zowel in De maan op het water als in Nog pas gisteren wordt hun Indische jeugd beschreven vanuit de positie van het kind dat zij toen waren.

Elvire Spier, geboren op 31 maart 1920 in Buitenzorg op Java en overleden op 14 augustus 1999 in Curumbico in Spanje, heeft een klein, maar sterk oeuvre nagelaten dat bestaat uit korte verhalen, romans, radio-hoorspelen, televisiespelen en musicals. In haar terugblik op haar kinderjaren schetst Elvire Spier de ingewikkelde samenleving die Nederlands-Indië in de jaren twintig was.
Indië beleefde tussen 1925 – 1929 rumoerige tijden: de communistische opstand op Java werd hardhandig neergeslagen. Sarah leerde op jonge leeftijd hoe hard die samenleving kon zijn, was nauw betrokken bij land en volk en raakte niet uitgevraagd rond alles wat zij onrechtvaardig vond:
“Waarom is Pappie zo boos op…” Mijn moeder had waarschijnlijk al een hele tijd gewacht op mijn vraag waarom hij zo’n hekel had aan de mensen van Java. “Het komt meestal door angst, Sarah,” zei ze heel wijs. “De mensen van Java zijn met miljoenen en miljoenen. Het is maar een handjevol Nederlanders dat het hier voor het zeggen heeft. Het leger en politiekorps zijn zo klein dat ze onmogelijk orde en rust kunnen houden wanneer de eigen mensen dat niet willen. Maar het Gouvernement met de Gouverneur Generaal en onze regenten, met hun hele ambtenarenkorps, zorgen met grote toewijding voor het land. De mensen zijn daar ook tevreden mee. Daarom is het rustig en is de welvaart zo groot.”

Vaak is gevraagd hoe het verder is gegaan met het Sarah. Elvire Spier heeft op één hoofdstuk na het vervolg van De maan op het water af, als zij in 1999 overlijdt. Naar verluidt zijn haar kinderen en kleinkinderen bezig dit manuscript af te maken. “Het Javaanse land heeft mij in die kinderjaren iets groots geschonken. Zijn sagen en legenden zijn tot een eigen fantastisch droombeeld samengevloeid dat de werkelijkheid onwerkelijk maakt. Mijn diepe liefde voor de natuur is daaruit voortgekomen. […]”

Patrick Wouters

————————————————————————————

De Maan op het water verscheen in 1993 bij Uitgeverij 60+, Cadier en Keer. Overig proza van Elvire Spier (selectie): Godenvogel (Van Holkema en Warendorf, 1976), Vulkaan (Hollandia 1979). Postuum: Engeltje (Bonneville, 2000).

In Moesson nummer 11, mei 2000 verscheen van de hand van Inge Dümpel een recensie van Engeltje met veel biografische informatie over Elvire Spier.
Oost-Indische Inkt; 400 jaar Indië in de Nederlandse letteren, samengesteld door Alfred Birney, uitgeverij Contact, 1999.

Gespreksflarden II

Gespreksflarden. Je vangt ze ongewild op in bus, trein, tram of metro.
Sommige mobiele telefoongesprekken lijken niet meer privé. Het meisje dat naast de jongen zit is niet zijn vriendin.

“Ja, met mij.

Over een half uurtje. Ik bel je als ik er ben, ok?

Hoezo zit ze naast me?

Wat bedoel je daar mee? Er is helemaal niets aan de hand. Wat wil je nou?

We praten alleen maar.

Gewoon praten, meer niks. Jeetje zeg, controleer je me of zo?

Ja, tot straks.”

“Echt jaloers die vriendin van jou zeg.”
“Niet normaal gewoon. Ze kan er niet tegen dat ik hier met je zit. Begrijp ik wel een beetje, maar jeetje zeg, we praten alleen maar. Verder niets.”
‘Verder echt niets?”
“Hou jij ook op.”

Gespreksflarden

Gespreksflarden. Je vangt ze ongewild op in bus, trein, tram of metro.
Onderweg naar het Circustheater in Den Haag bleef ik in de volgende dialoog ‘hangen’.

“Wat me vanmiddag toch overkwam. Ik zit wat voor mij uit te staren terwijl ik op de tram wacht. Komt ineens een Marokkaans meisje op me af en die geeft me toch een grote mond. Of ik niet zo naar d’r wil kijken. En ze keek me toch vuil aan.
Ik was helemaal overdonderd. Stel je voor. Ik kon alleen maar zeggen: meisje ik keek helemaal niet naar jou, ik moest aan een vriendin denken die het momenteel heel moeilijk heeft.
Ze bleef maar kwaad kijken. Hoe vind je dat dan?”

“Beangstigend gewoon. Het is vandaag de dag echt niet normaal meer.”

“Ik was alleen maar in gedachten verzonken. Hoe vind je zoiets.”

“Waar gaan we eigenlijk heen?”

“Naar Boudewijn de Groot,”

“Oh, wat leuk, leeft die nog?”

“Ik dacht bij mezelf, Els die kan wel een opsteker gebruiken. Die heeft het afgelopen jaar zoveel door moeten maken. Ik had de kaarten al maanden in huis, maar helaas heeft ze vanavond iets anders en dan houdt het natuurlijk op hè?
Toen dacht ik bij mezelf, dan vraag ik Edmé maar. Gezellig toch?
Of het wat is, weet ik niet hoor. Je leest het programma, maakt een keuze, maar het blijft natuurlijk altijd een gok.
Die oude liedjes van ‘m ken je natuurlijk en voor de rest zien we wel.”

Nieuw op Indischalbum.nl

Een primeur voor indischalbum.nl
Griselda Molemans levert een interessante bijdrage aan de rubriek Die éne foto op www.indischalbum.nl met een voorpublicatie uit haar nieuwste boek In het voetspoor van de panter dat op 5 september a.s. in de winkels ligt.

Feestje

De koempoelan van tante Lien, de benefietvoorstelling voor Atjeh afgelopen zondag in het Haagse Openluchttheater mondde uit in een waar feestje.
Een keur aan Indische artiesten, waaronder Ernst Jansz, Rob Agerbeek, Challenge, Bibit Rockers, Justine Pelmelay kwam voorbij. In de avond ging het dak er af: verrassende optredens van Monika Akihari, Challenge, Justine Pelmelay, Bitbit Rockers en een jamsessie ter afsluiting. Door het mooie weer, de sfeer van een mini-pasar en later de intredende duisternis, werd het enthousiasme van iedereen flink aangewakkerd. Tante Lien (Wieteke van Dort) bleek opnieuw een bindende factor voor jong en oud en is daarom een ideale gastvrouw voor een bijzondere voorstelling als deze.
Meer over het goede doel waarvoor iedereen was gekomen vindt u op de website van de Stichting wederopbouw Atjeh .