Onlangs woonde ik in Amsterdam de persvoorstelling bij van Ver van familie, het speelfilmdebuut van Marion Bloem. Ik was overdonderd door de kwaliteit van de film. De twee en half uur vlogen voorbij. Marion Bloem heeft uitstekend de Indische atmosfeer weten te vangen op het witte doek met een mooie film, die zeker een breed publiek zal aanspreken. Voor 8weekly.nl schreef ik een recensie. Lees hier verder… en… zegt het voort: ga de film zien!
Auteur: Patrick Wouters - Senang producties
Van Sneek naar Soerabaja in Den Haag
Woensdag 10 september om 14.00 uur, tijdens de koempoelan in ‘klokhuis, Celebestraat 4 in Den Haag.
Van Sneek naar Soerabaja is een Indisch beeldverhaal door Patrick Wouters, gebaseerd op foto’s van zijn website Indischalbum.nl. Een presentatie van bijzondere (familie)foto’s uit voormalig Nederlands-Indië
De foto’s vertellen onder meer het verhaal van een zoektocht naar zijn Indische achtergrond. Tot op de dag van vandaag komen onbekende familiefoto’s boven water, waardoor de zoektocht kan worden beschouwd als een puzzel die nooit af komt.
De organisatie van de koempoelan is in handen van Zebra, afdeling Ouderenwerk en de Stichting Pelita.
Happiness in drie minuten
Soms mag je figureren in je ‘eigen’ blad. In het zomernummer van het personeelsmagazine waarvan ik redacteur/samensteller ben, het interview dat Magda de Vetten met mij maakte over mijn passie voor…The Beatles. Michelle Muus maakte de schitterende foto met een knipoog naar de cover van de blauwe verzamel LP van The Beatles/1967-1970.
Adoeh seg, so leuk deze blauwe… 😉
Catch a wave – Uitstekende biografie Brian Wilson
Catch a wave, The rise, fall & redemption of the Beach Boy’s Brian Wilson, is ondanks het happy end, geen boek om vrolijk van te worden. Peter Ames Carlin schreef een onderhoudend boek, dat ver uitstijgt boven de gemiddelde popbiografie waarmee de markt overspoeld wordt.
Catch a wave beschrijft gedetailleerd de opkomst en ondergang van The Beach Boys en in het bijzonder die van Brian Wilson. Het muzikale genie van de groep, verantwoordelijk voor de meeste songs en arrangementen. The Beach Boys veroveren in 1962 het thuisland Amerika met ongecompliceerde surfmuziek, waar de natie maar geen genoeg van krijgt. Brian Wilson houdt het al gauw voor gezien en besluit niet meer mee te gaan op de tournees van de band. Hij blijft thuis voor het schrijven van de hits: hij kan de druk die hij voelt als songsmid van de band, eigenlijk niet aan. Het succes van de band rust op zijn schouders.
Halverwege de jaren zestig, komt Brian met songs die de overige bandleden doet fronsen. Uitgedaagd door Rubber Soul van The Beatles, verschijnt in 1966 Pet Sounds. Het legendarisch album is met name in Engeland razend populair. Paul McCartney en John Lennon zijn werkelijk geïntimideerd door het album en raken op hun beurt geïnspireerd door het muzikale genie uit de Hollywood Hills. Wilson heeft een onvergelijkbare werkwijze in de studio: songs worden in delen opgenomen. Iedere noot speelt hij voor. Iedere zangpartij heeft hij van te voren bedacht. Alle opgenomen partjes, worden aaneengesmeed tot betoverende muziek: God only knows is daar een voorbeeld van. Met Good vibrations krijgt het publiek een voorproefje van wat later het album Smile moet worden. De heilige graal van de popmuziek zou nooit worden uitgebracht.
Bandlid Mike Love wil niet dat er aan de succesformule gesleuteld wordt en voor Brian wordt het steeds moeilijker om te schipperen tussen zijn tomeloze creativiteit en de eisen van zijn conservatieve bandleden. Gekweld door de druk van zijn dominante vader (een ongelofelijke huistiran), overmatig drugsgebruik en nog veel meer ellende, gooit Wilson het bijltje erbij neer. Carlin beschrijft minutieus de ontstaansgeschiedenis van de vele albums die de Beach Boys afleveren tussen 1962 en 1996 en de rol en gemoedstoestand van Brian hierbij. The Beach Boys maakten hun mooiste muziek tussen 1965 en 1974. Zeg maar vanaf het album Pet Sounds tot en met Holland. Daarna maakten zij geen muziek van betekenis meer.
In de jaren zeventig en tachtig was Wilson helemaal de draad kwijt en onder het kwalijke regime van (wijlen) Dr. Eugene Landy, krabbelt Brian langzaam op. De prijs die Wilson daarvoor moet betalen is hoog: “24-hour around-the-clock” therapie en jarenlange verkeerde medicatie. Als Brian letterlijk en figuurlijk is bevrijd van Landy, kan het herstel verder gaan. Hij maakt weer muziek, maar dan zonder de Beach Boys. Zijn talent voor intrigerende muziek is nog niet opgedroogd. Zelfs in live-optredens krijgt Brian weer zin. Met een fantastische band (Wondermints) brengt hij zijn catalogus opnieuw voor het voetlicht. Hij voltooit zelfs het album Smile. In de documentaire Beautiful Dreamer van David Leaf is te zien dat Brian nog steeds gekweld wordt door de demonen van weleer, maar er toch in slaagt met onder meer Van Dyke Parks, het meesterwerk Smile af te maken. De DVD-opname van de opvoering van Smile in Los Angels is het bewijs van Wilsons hervonden geluk.
Vandaag de dag is Brian Wilson (inmiddels 66 jaar) actiever dan ooit. Begin september 2008 verschijnt het album That Lucky Old Sun. Muziek heelt alle wonden. Ook bijna allemaal die van Brian Wilson.
© Patrick Wouters
Meer informatie over Brian Wilson? >
Officiële website Brian Wilson >
Bestellen van Catch a Wave? >
Doe Maar ongeëvenaard
Verbijsterend goed. Zo zou je het concert nog het beste kunnen omschrijven dat de legendarische band Doe Maar gaf in een uitverkochte Kuip in Rotterdam. Met veel passie en een ongelofelijke portie speelplezier, bracht de band in twee uur en twintig minuten een dwarsdoorsnede van zijn tijdloze muziek. Een haast magische sfeer maakte zich meester van het publiek in het voetbalstadion, dat sinds jaar en dag uitermate geschikt is voor dit soort happenings. Want een happening was het. Ernst Jansz, Henny Vrienten, Jan Hendriks en Jan Pijnenburg, aangevuld met de onmisbare Joost Belinfante en bijgestaan door onder meer Eric Vloeimans en Jacob Klaasse, lieten in een strakke set horen en zien waarom zij de beste band van Nederland zijn, die met gemak een vol stadion in de ban houdt. Geen bombast of quasi poëtisch geleuter waaraan de Nederpop mank gaat, maar rechttoe rechtaan popmuziek, omlijst door ijzersterke arrangementen en nog immer relevant. Doe Maar anno 2008 heeft nog steeds reden voor bestaan: de band is nog lang niet klaar.
Gezien: donderdag 10 juli 2008 – Patrick Wouters
De kaarten voor dit concert van Doe Maar won ik bij een prijsvraag. Samen met mijn zoon van dertien toog ik naar Rotterdam voor zíjn eerste stadionconcert en míjn eerste stadionconcert in vijftien jaar. Na een Rolling Stonesconcert in die vreselijke echoput die de Arena heet, was ik sinds 1993 niet meer in een voetbalstadion geweest. Popmuziek in de Arena moet gewoon ‘verboden’ worden.
Het voorprogramma van Doe Maar had de ondankbare taak om de tijd tot 21.00 uur op te vullen. Jammer genoeg slaagden zijn daar niet in. De acts waren praktisch onverstaanbaar en Wouter Hamel had sterk kunnen eindigen met zijn hit, ware het niet dat hij koos voor een akoestisch nummer dat volledig verloren ging in de massa en daardoor uitgefloten werd (erg genant). Misschien was een film/docu over de band van pakweg tien, vijftien minuten een betere keuze geweest om het publiek op te warmen. Maar hoe dan ook, de sfeer zat er sowieso goed in en ik heb ook genoten van het genieten van anderen, mijn zoon voorop. Ik zat bovendien in een vak met muziekliefhebbers die niet de onhebbelijke gewoonte hebben om voortdurend te kwekken door een concert. De band genoot zichtbaar van de feedback van het uitzinnige publiek.
Lees ook het fascinerende boek Lijf aan Lijf, en zie in prachtige fotografie hoe Doe Maar groeide en groter werd dan zij aanvankelijk aan kon. On-Nederlandse toestanden, die anno 2008 haast niet zijn voor te stellen. Een bijzonder hoofdstuk in de Nederlandse popmuziek waaraan nieuwe bladzijden zullen worden toegevoegd.
Kijk en luister verder op www.doemaar.nl
Five minutes of fame…
In AD Groene Hart (Editie Alphen) verscheen op 3 juli het interview van Carla van der Wal over vergeten geschiedenissen, naar aanleiding van mijn lezing op de Pasar Malam Besar. Het artikel is als Pdf te downloaden.
Kota Kretek
Het Jeruzalem van Java en Kota Kretek, zijn enkele benamingen voor de stad waar mijn betovergrootmoeder vandaan kwam: Kudus.
Kudus, Demak en Jepara, zijn steden ten oosten van Semarang. In de 16e eeuw kreeg de Islam hier voet aan de grond. Sporen uit dat verleden zijn er nog steeds terug te vinden. In Kudus ontstond bovendien de kretekindustrie. Een museum in het centrum van de stad, laat dat allemaal zien.

Kudus is lange tijd een belangrijke handwerkstad geweest, maar of dit bouwwerk daarmee iets te maken heeft?
© Patrick Wouters