Met Ergens in Bojolali sluit ik de eerste serie af van de rubriek Die éne foto op www.indischalbum.nl.
Los vast
Gespreksflarden IV
Gespreksflarden. Je vangt ze ongewild op in bus, trein, tram, metro, óf bij de dorpskapper.
‘[…] Wat ik nou heb. Zes konijnen allemaal kapot. Ineens, zomaar. En het is niet de eerste keer. Twee weken terug precies hetzelfde. Zes konijnen, in één keer kapot. En ik had het hok verdomme net geverfd en gelakt. Kostte een tijd en dan krijg je dit.’
‘Joh, Joop, je hebt die beesten vergiftigd. Die zijn natuurlijk gaan knagen aan je mooie geverfde hok. Vind je het gek dat ze dood zijn met die chemische lak van je. Dat heb je mooi voor elkaar.’
‘Zou het? Nee, toch. Die beesten kennen toch wat hebben?’
Meer gespreksflarden zijn te lezen door hiernaast te klikken op de gelijknamige categorie.
Cursiefjes, verhalen, recensies etc.
Op verzoek zijn wat oudere artikelen van mijn webstek Vandaag is morgen gisteren opgenomen in de rubriek Cursiefjes & verhalen.
Klik op categorie Cursiefjes & verhalen.
Gespreksflarden II
Gespreksflarden. Je vangt ze ongewild op in bus, trein, tram of metro.
Sommige mobiele telefoongesprekken lijken niet meer privé. Het meisje dat naast de jongen zit is niet zijn vriendin.
“Ja, met mij.
…
Over een half uurtje. Ik bel je als ik er ben, ok?
…
Hoezo zit ze naast me?
…
Wat bedoel je daar mee? Er is helemaal niets aan de hand. Wat wil je nou?
…
We praten alleen maar.
…
Gewoon praten, meer niks. Jeetje zeg, controleer je me of zo?
…
Ja, tot straks.”
“Echt jaloers die vriendin van jou zeg.”
“Niet normaal gewoon. Ze kan er niet tegen dat ik hier met je zit. Begrijp ik wel een beetje, maar jeetje zeg, we praten alleen maar. Verder niets.”
‘Verder echt niets?”
“Hou jij ook op.”
Gespreksflarden
Gespreksflarden. Je vangt ze ongewild op in bus, trein, tram of metro.
Onderweg naar het Circustheater in Den Haag bleef ik in de volgende dialoog ‘hangen’.
“Wat me vanmiddag toch overkwam. Ik zit wat voor mij uit te staren terwijl ik op de tram wacht. Komt ineens een Marokkaans meisje op me af en die geeft me toch een grote mond. Of ik niet zo naar d’r wil kijken. En ze keek me toch vuil aan.
Ik was helemaal overdonderd. Stel je voor. Ik kon alleen maar zeggen: meisje ik keek helemaal niet naar jou, ik moest aan een vriendin denken die het momenteel heel moeilijk heeft.
Ze bleef maar kwaad kijken. Hoe vind je dat dan?”
“Beangstigend gewoon. Het is vandaag de dag echt niet normaal meer.”
“Ik was alleen maar in gedachten verzonken. Hoe vind je zoiets.”
“Waar gaan we eigenlijk heen?”
“Naar Boudewijn de Groot,”
“Oh, wat leuk, leeft die nog?”
“Ik dacht bij mezelf, Els die kan wel een opsteker gebruiken. Die heeft het afgelopen jaar zoveel door moeten maken. Ik had de kaarten al maanden in huis, maar helaas heeft ze vanavond iets anders en dan houdt het natuurlijk op hè?
Toen dacht ik bij mezelf, dan vraag ik Edmé maar. Gezellig toch?
Of het wat is, weet ik niet hoor. Je leest het programma, maakt een keuze, maar het blijft natuurlijk altijd een gok.
Die oude liedjes van ‘m ken je natuurlijk en voor de rest zien we wel.”
Voor alles is een tijd
Bernhard Bot, minister van Buitenlandse zaken hield vandaag namens de Nederlands regering een sterke toespraak bij het Indiëmonument in Den Haag. Ik was er niet bij, maar las de tekst op de website van zijn ministerie. Naar mijn gevoel heeft hij de juiste toon gevonden bij deze herdenking, bij de bezinning op de geschiedenis en de relatie met Indonesië.
Als kind van Indië weet hij waarover hij spreekt. Voor alles is een tijd en daarom is in zijn toespraak ook een boodschap aan Jakarta te vinden: […] Al decennialang zijn Nederlandse vertegenwoordigers op 17 augustus aanwezig bij vieringen van de Indonesische onafhankelijkheid. Ik zal met steun van het Kabinet aan de mensen in Indonesië duidelijk maken dat in Nederland het besef bestaat dat de onafhankelijkheid van de Republiek Indonesië de facto al begon op 17 augustus 1945 en dat wij – zestig jaar na dato – dit feit in politieke en morele zin ruimhartig aanvaarden.[…]
De volledige tekst van zijn toespraak vindt u hier .
Een ongelukje komt zelden alleen…
Aan de vooravond van de vakantie gaat in eens van alles het begeven. Na de PC is nu ook mijn mobieltje stuk en krijg ik geen warm water uit de CV ketel. Eigenlijk ‘durf’ ik mijn auto niet te starten. De TV maakt ‘rare’ geluiden. Zal ik de laatste wasjes redden?
Na mijn grote schrijffout in mijn belastingaangifte, heeft de Belastingdienst zelf ook een digitale schrijffout gemaakt. Ligt er toch nog een aanslag van tegen de tweehonderduizend Euro op de mat. Gelukkig is er voor alles een oplossing…