Catch a wave, The rise, fall & redemption of the Beach Boy’s Brian Wilson, is ondanks het happy end, geen boek om vrolijk van te worden. Peter Ames Carlin schreef een onderhoudend boek, dat ver uitstijgt boven de gemiddelde popbiografie waarmee de markt overspoeld wordt.
Catch a wave beschrijft gedetailleerd de opkomst en ondergang van The Beach Boys en in het bijzonder die van Brian Wilson. Het muzikale genie van de groep, verantwoordelijk voor de meeste songs en arrangementen. The Beach Boys veroveren in 1962 het thuisland Amerika met ongecompliceerde surfmuziek, waar de natie maar geen genoeg van krijgt. Brian Wilson houdt het al gauw voor gezien en besluit niet meer mee te gaan op de tournees van de band. Hij blijft thuis voor het schrijven van de hits: hij kan de druk die hij voelt als songsmid van de band, eigenlijk niet aan. Het succes van de band rust op zijn schouders.
Halverwege de jaren zestig, komt Brian met songs die de overige bandleden doet fronsen. Uitgedaagd door Rubber Soul van The Beatles, verschijnt in 1966 Pet Sounds. Het legendarisch album is met name in Engeland razend populair. Paul McCartney en John Lennon zijn werkelijk geïntimideerd door het album en raken op hun beurt geïnspireerd door het muzikale genie uit de Hollywood Hills. Wilson heeft een onvergelijkbare werkwijze in de studio: songs worden in delen opgenomen. Iedere noot speelt hij voor. Iedere zangpartij heeft hij van te voren bedacht. Alle opgenomen partjes, worden aaneengesmeed tot betoverende muziek: God only knows is daar een voorbeeld van. Met Good vibrations krijgt het publiek een voorproefje van wat later het album Smile moet worden. De heilige graal van de popmuziek zou nooit worden uitgebracht.
Bandlid Mike Love wil niet dat er aan de succesformule gesleuteld wordt en voor Brian wordt het steeds moeilijker om te schipperen tussen zijn tomeloze creativiteit en de eisen van zijn conservatieve bandleden. Gekweld door de druk van zijn dominante vader (een ongelofelijke huistiran), overmatig drugsgebruik en nog veel meer ellende, gooit Wilson het bijltje erbij neer. Carlin beschrijft minutieus de ontstaansgeschiedenis van de vele albums die de Beach Boys afleveren tussen 1962 en 1996 en de rol en gemoedstoestand van Brian hierbij. The Beach Boys maakten hun mooiste muziek tussen 1965 en 1974. Zeg maar vanaf het album Pet Sounds tot en met Holland. Daarna maakten zij geen muziek van betekenis meer.
In de jaren zeventig en tachtig was Wilson helemaal de draad kwijt en onder het kwalijke regime van (wijlen) Dr. Eugene Landy, krabbelt Brian langzaam op. De prijs die Wilson daarvoor moet betalen is hoog: “24-hour around-the-clock” therapie en jarenlange verkeerde medicatie. Als Brian letterlijk en figuurlijk is bevrijd van Landy, kan het herstel verder gaan. Hij maakt weer muziek, maar dan zonder de Beach Boys. Zijn talent voor intrigerende muziek is nog niet opgedroogd. Zelfs in live-optredens krijgt Brian weer zin. Met een fantastische band (Wondermints) brengt hij zijn catalogus opnieuw voor het voetlicht. Hij voltooit zelfs het album Smile. In de documentaire Beautiful Dreamer van David Leaf is te zien dat Brian nog steeds gekweld wordt door de demonen van weleer, maar er toch in slaagt met onder meer Van Dyke Parks, het meesterwerk Smile af te maken. De DVD-opname van de opvoering van Smile in Los Angels is het bewijs van Wilsons hervonden geluk.
Vandaag de dag is Brian Wilson (inmiddels 66 jaar) actiever dan ooit. Begin september 2008 verschijnt het album That Lucky Old Sun. Muziek heelt alle wonden. Ook bijna allemaal die van Brian Wilson.
© Patrick Wouters
Meer informatie over Brian Wilson? >
Officiële website Brian Wilson >
Bestellen van Catch a Wave? >



Ooit afgevraagd hoe de stemmen van Maria Dermoȗt en Vincent Mahieu klonken? Het Indisch geluid, een luisterboek met verhalen en herinneringen uit Nederlands Indië heeft ze vastgelegd voor de vergetelheid. Op vier cd’s (3,5 uur) komen korte verhalen voorbij van Maria Dermoȗt, Vincent Mahieu, Hella Haase, en A. Alberts. Voorgelezen door de auteurs zelf en door Willem Nijholt en Maria Kist, de kleindochter van Maria Dermoȗt.
Kort voor de moord op zijn vriend Theo van Gogh, was Theodor Holman van plan een nieuw scenario te maken: De kleine oorlog van grote Tjon zou gaan over een zwakbegaafde Indische jongen wiens vader lijdt aan een kampsyndroom. Theodor Holman zei hierover in Moesson, augustus 2005: “De hele opzet voor zowel het boek als de film had ik al gemaakt. Theoretisch kan het in vier weken voltooid worden, maar mijn hoofd staat er helemaal niet naar.”